LEZ is More!

2020, als gevolg van de “Anunaficatie” komen er een aantal nieuwe lage-emissiezones bij in België. Via een website kan je voor elke LEZ-stad controleren of je karretje er nog toegelaten is. Voor Brussel is dat eenvoudig: gewoon je nummerplaat ingeven en je weet meteen of je er nog mag komen. Op de site voor LEZ-Antwerpen is dat heel wat anders. Voor toegang tot de Koekenstad moet je het halve inschrijvingsbewijs en conformiteitsattest ingeven op de LEZ-site. Keuringsattest, verzekeringsbewijs, geboorteakte en zwembrevet zijn voorlopig nog niet nodig. Waarom kan het in Antwerpen niet zoals in Brussel?  

In de organisatiekunde staat het “leren-van-mekaar” hoog aangeschreven. Helaas is onze pleaiade aan bestuursorganisaties niet eens in staat om onderling te communiceren. Die van aan’t Scheld hadden toch gewoon eens naar de site van Brussel kunnen kijken? 

Ondanks de databanken, slimme camera’s en IT infrastructuur blijft elk dorp voor zijn eigen deur vegen. E-government is een lachertje en staat vooral ten dienste van de controlerende ambtenaar en zelden voor de burger. 

Ook in 2020 blinken onze overheden uit in gepruts, geprul en geklooi. In plaats van service krijgen we “getreiter”.  Ik kan me onmogelijk voorstellen dat de Antwerpse “controlerende agent” al die gegevens moet invullen om overtreders te klissen. Elke scheet die u laat staat genoteerd in de Algemene Nationale Gegevensbank, alleen toegankelijk voor “gemachtigde” ambtenaren. Aan de hand van je autokenteken kan ome agent zien of je wagen toegelaten is in de lage-emissiezone. Hij kan ook zien of je wagen verzekerd is, je belastingen betaald zijn, welke boetes je ooit gekregen hebt en welke jouw lievelingskleur is. 

Ik zal wel zien of mijn karretje nog toegelaten is in Antwerpen. Voor 150 euro controleert de tollenaar wel of ik nog binnen mag! 

Sneeuwvlokje en de zeven personen met een kleine gestalte!

Deze titel doet niks ter zake. Het is gewoon mijn poging tot politiek correct taalgebruik. Ik ben al flink aan het oefenen om mijn woordenschat en daarbij ook mijn gedachtegang aan te passen aan de heersende politiek-correcte tijdsgeest. De kritiek annex verwensingen die ik krijg via sociale media zijn onvoorstelbaar. Blijkbaar zijn mijn digitaal geuite overpeinzingen helemaal niet humoristisch en is mijn taalgebruik beledigend en racistisch. Voor de meeste reagerende lezers ben ik een “Boomer” die maar beter zijn mond kan houden en zich moet schamen voor de chaos die hij gecreëerd heeft.  Wel beste vrienden, ootmoedig buig ik het hoofd en aan alle mensen die ik langs deze weg op één of andere manier geschoffeerd heb: Mijn welgemeende fuck you! Ik ben nog lang niet klaar voor jullie steriele mono-gedachte maatschappij. Mijn grootvader, een witte man, stond een eeuw geleden in de modderloopgraven van de Ijzervlakte te vechten voor zijn leven en voor de vrijheid. Het is van hem dat ik mijn woordenschat geleerd heb en het is dankzij hem dat ik (voorlopig nog) kan zeggen wat ik wil!  

Dit bij wijze van inleiding.  Over naar de orde van de dag!  Het geïmporteerde feestje van Halloween is nog maar net achter de rug en de eerste kritieken op het racisme cultiverende Sinterklaasfeest verschijnen al op mijn tijdlijn. U weet wel, Halloween is de avond dat ouders hun monsters en trollen de straat op jagen met bebloede nep-bijlen en angstaanjagende mombakkesen. Het kleine grut gaat dan snoep en geld bedelen bij de buren, meteen een goede oefening in dwingend- en eisend gedrag. Proper, genderneutraal en inclusief volksvertier.  

Sinterklaas daarentegen… is een ander verhaal. Vroeger mocht je aan Sinterklaas een brief schrijven. In die brief stond dan een lijstje van wat je graag zou krijgen in ruil voor een twaalf maanden durende inspanning van braafheid. Daarbij moest je bij wijze van dankbaarheid ook nog eens een wortel of suikertje voor het paard van Sinterklaas in je schoen leggen. Helaas, Sinterklaas is niet meer van deze tijd. De oude witte man maakt gebruik van de diensten van zijn knecht, een knecht met een beneden-mediteraans kleurtje. Sinterklaas is het symbool geworden van verdrukking, kolonialisme en uitbuiting. Typisch iets voor oude witte mannen.  Wel beste lezertjes, ik ben het daarmee niet eens.  Zwarte Piet heeft mij geleerd om respect te hebben voor het knechtendom want we zijn allemaal wel “knecht” van iemand of iets. Zwarte Piet heeft mij geleerd om respect te hebben voor individuen die er anders uitzien dan ikzelf, ik heb iets geleerd van de knecht van Sinterklaas. Nu blijkt dat we allemaal fout zijn geweest. 

Vandaag krijg ik vaker het vermanende vingertje van de poco elite dan ooit van de pastoor, de schoolmeester, Sinterklaas of …Zwarte Piet. Op het gevaar af om als racist bestempeld te worden mag ik het Sinterklaasfeest inclusief Zwarte Piet niet leuk vinden.  Ik moet behoorlijk op mijn tellen passen en op mijn woorden letten.  Zeg niet “Kerstmarkt” maar “Wintermarkt”, zeg niet “Sinterklaas en Zwarte Piet” maar zeg “Sinterklaas en Roetpiet (m/v/x)”. Voor sommigen is de slachtofferrol een comfortabele positie om gedachten te sturen en te reguleren.  Vrijheid van denken bestaat niet. Waar heb ik dat nog gehoord? Ik wou dat ik het mijn grootvader nog eens kon vragen…

PS: niet vergeten op 29 november is het Black Friday! … als alles goed gaat!

Halloween

Het is weer zo ver! Het jaarlijkse non-event van Halloween. Gecommercialiseerde flauwekul overgewaaid uit de VS. Ik laat het lolfeestje graag aan mij voorbijgaan.  De jonge ouders van mijn dorp zijn echter gek op dit kinderfeest. Ze sturen hun kleine monsters, heksen en trollen op bedeltocht voor snoep en centen en ze zijn daarbij ook nog eens verkleed. Onder politiebegeleiding trekt een stoet door de straten. De joelende kinderen bonken op iedere deur en met uitgestoken klauw eisen ze hun bedelbuit. Vergis u niet, het zijn niet zomaar een paar koters die voor je deur staan maar een honderdtal larfjes die je voortuintje omploegen en de verf van je voordeur schrapen. Het lijkt wel een zwerm hongerige sprinkhanen die alles kaalvreet. Terwijl de kinderen je vertrappelen en je huis leegroven staan de eigenaars van dat grut op straat te wachten. De papa’s, mama’s, mee-papa’s en mee-mama’s hebben de babykoetsen en buggy’s nog eens van de zolder gehaald om de buit te transporteren. Schuilen kan niet, hoe stil je ook bent en hoe donker je het ook maakt die serpenten ruiken gewoon dat je jezelf verschanst in je huis. 

Zoals elk jaar deel ik geen snoep uit maar geef ik die kinderen alleen maar gezonde dingen. Ik heb pallets met muilperen, safletten en oorvijgen te geef! Dit jaar zal ik er nog wat extra’s bij doen! Geen snoep want dat is in milieuvernietigend plastic verpakt. Deze keer heb ik een hele krat spruitjes te geef! Groenten zijn gezond en ze zijn veelvuldig en gratis te vinden in de container achter de Delhaize! Laat de kinderen tot mij komen, …ik ben in een gulle bui!

PhD Cup – 2019

Vandaag heb ik naar de stream van de PhD Cup gekeken. Een meer dan twee uren durende zelfkastijding die je kan volgen op de NWS site van de VRT. Acht jonge onderzoekers hakselen hun doctoraatsverhandeling zodanig dat Jan-Met-De-Pet begrijpt waarmee ze zichzelf de laatste vier jaren bezig (of ledig) gehouden hebben. Alles voor de wetenschap!

Het eerste wat mij opvalt is dat er weinig “exacte” wetenschappers aan de strijd deelnemen. Ik ben altijd wel geïnteresseerd hoe zo’n jonge wetenschapper algoritmen ontwikkeld voor non-lineaire model predictive control technology of hoe zo iemand faze evenwichtige modellen formuleert aan de hand van algebraïsche differentiaalvergelijkingen. Niks van dat alles… de VRT kiest voor lichtvoetigheid en een zo groot mogelijk publiek. Als het te veel moeite kost dan zappen de kijkers weg. Onze openbare omroep heeft een missie van educatie en entertainment. De onderwerpen kwamen vooral uit de lichtvoetige academische buidelzak. De onderzoeksonderwerpen van de finalisten: Sodomie in de (Brugse) middeleeuwen, foute kunst in de rechtbank, cannabis, chatten met pictogrammen, fake news in de middeleeuwen, praten over problemen, hartproblemen en de Engelse taal. Geen sensortechnologie, artificiële intelligentie of machine learning tijdens deze battle voor bovengemiddeld intelligente mensen. 

Tweede opvallende vaststelling is de belabberde presentatievaardigheid van de kandidaten. Ondanks een intensieve crash course van de VRT-stemcoach en de cameratraining van Gina Lisa blonken alle finalisten uit in houterigheid. Ik heb al spreekbeurten gehoord van scholieren die beter gebracht werden dan de “pitches” van deze bijna-professoren. Overmatig en onnatuurlijk ge-gesticuleer en ge-articuleer maakten het betoog even boeiend als mijn set tuinmeubelen.  Het jarenlang onderzoek van de wetenschappers moest samengevat worden in een verkooppraatje van drie minuten. Dat is net hetzelfde als een baksteen door de kont van een mug duwen. Een onderzoeker die bij mij op sollicitatiegesprek komt krijgt een kwartier om één onderdeel van zijn dissertatie toe te lichten, dat is behoorlijk krap en moeilijk, zelfs voor een bolleboos.  Drie minuten is zowat de maximum attention span voor de verkleuterde mediaconsument. Meer tijd kregen de deelnemers niet. Als ik een onderzoeker was dan zou ik bedanken voor dergelijke “pitch”, gewoon uit zelfrespect. 

De voorstelling van de jury was misschien wel het grappigste moment van de stream: Twee piepjonge professoren, twee VRT ambtenaren en iemand van de Lotto. Koen Wouters van de VRT-nieuwsdienst wist bij elk jurylid wel even het onderwerp “seks” aan te halen. Met uitzondering van de taalvrouw die in de jury zetelde. Volgens mij stond zij al met een scherp geslepen  #MeToo in de aanslag om de presentator een toontje hoger te doen spreken.

De inhoud van de presentaties ga ik niet beschrijven, die moet u maar zelf bekijken. De winnaar werd uiteindelijk Jonas Roelens, een historicus. Zijn onderzoek had als onderwerp “Het Sodom van het Noorden”, over sodomie en de vervolging van homoseksuelen in het middeleeuwse Brugge.  Zijn proefschrift was al eerder toegelicht in VRT radioprogramma’s waardoor ik bij de aanvang al het gevoel kreeg dat hij wel eens hoog kon eindigen. Blijkbaar is het een onderwerp dat goed in de markt ligt aan de Reyerslaan of is het omdat Jonas Roelens er een beetje uitziet als de grote zus van Anuna De Wever? 

Ik ben in ieder geval een voorstander van de PhD Cup. Een volgende editie kan zeker beter: meer inhoud en betere presentaties. Deze uitgave was matig en bijna zo saai als een plaat van Elbow.

Ajuus!

Met mij gaat alles goed!

Ik kom net van bij de dokter en ik kan u allen meedelen: Het gaat prima met mij! Vijfenvijftig is de leeftijd waarop de modale Fransoos met pensioen gaat maar daar denk ik nog lang niet aan! Om den brode doe ik al 35 jaar mijn zin en daar ga ik nog een tijdje mee door! Den doktoor heeft gezegd dat ik het kan! Ik ben nog goed gezond van poten en oren en lang niet versleten. 

Snel nog even langs de bakker voor een brood voor morgenvroeg, één donker gesneden! “Kent u ons betalingssysteem al?”  Huh…! “Kent u ons betalingssysteem al?”, dat vroeg de broodverkoopster aan mij.  “Cash, creditcard, debitcard, bitcoin, paypal, overschrijving, Apple pay, bankwissel,… maakt mij niet uit!”. “Noem het maar mevrouw, ik heb het allemaal”.    “Dan zal ik het u uitleggen” was haar reactie.  Hola, ik was even niet meer bij de tijd. De moderne brood- en banketboetiek hanteert geen geld! Je krijgt een ticketje dat je aan de kassa moet scannen. Het aanraakscherm vraagt je om een keuze te maken tussen cash betalen of met de bankkaart.  Cash betalen doe je via een gleuf in een automaat en een soort van hi-tech cloaca dropt je wisselgeld in een schaaltje. Modern times, de bakker raakt geen geld meer aan om hygiënische redenen. “Wij verkopen veilig brood!” repliceerde het meisje. Terwijl ze dit zei keek ze me aan met een blik alsof ik een hulpeloze bejaarde was. Nou moe, …veilig brood! Kus nu mijn gluten!     

Ik moest denken aan mijnheer doktoor. Hoe is het mogelijk dat ik al vijfenvijftig jaar in goede gezondheid heb kunnen overleven?  Ik mag van geluk spreken want ik ben opgegroeid met onveilig brood. Ons dagelijks brood kwam gewoon van bij de warme bakker. Die bracht het brood zelfs nog aan huis. Altijd kwam hij met een roestig Volkswagen busje aanrijden en leverde het brood via de achterdeur, rechtstreeks in onze keuken. Het wisselgeld graaide hij uit een oude bruine lederen schoudertas. Als je een keertje niet thuis was dan liet hij het baksel gewoon achter op de vensterbank.  Hoe heeft mijn generatie dat in godsnaam kunnen overleven? Jarenlang hebben we gecontamineerd brood gegeten. Ons beleg kwam van de kaasboer op de markt die net zijn tent had rechtgezet en met ongewassen handen een schelletje Jonge Hollandse voor ons afsneed. Vandaag zou die kaasboer opgepakt worden door het Federaal Voedsel Agentschap en samen met zijn verdorven kaas op de brandstapel gegooid worden. Times, they are changing,…rapidly!

Het meisje voor wie alles niet snel genoeg kan veranderen is Greta Thunberg, het Zweedse klimaatmeisje. Terwijl ik dit schrijf hoor ik haar op de radio: “How dare you!” fulmineerde het meisje. Met woede en agressie geeft ze de “oudere” generatie een pak voor de broek. Met niet mis te verstane taal culpabiliseert ze de oudere -, en dus ook mijn generatie. Wij worden beschuldigd van haar toekomst te hebben gestolen. “How dare we!”, in haar eentje trekt ze een muur op tussen generaties waarvan Trump alleen maar kan dromen.    Vreemd, ik heb altijd gedacht dat Greta’s generatie werd opgevoed door moderne ouders. Ouders die hun kinderen hebben ondergedompeld in een sfeer van overleg, gelijkheid en begrip. De opvoedkundige tik is taboe en met kinderen ga je in dialoog.  In mijn jonge jaren gebeurde dat anders. Als ik het weer eens te bont maakte kreeg ik van mijn vader zaliger een “factory-reset” met een stevige saflet rond mijn oren! Volgens mijnheer doktoor heeft het mijn gezondheid nooit beschadigd, integendeel… 

Als Greta’s blikken konden doden dan zou in New York geen politieke ziel meer rondlopen. Blijkbaar heeft de opvoeding van haar generatie gefaald. Van dialoog en overleg heb ik niets teruggevonden in het betoog van Thunberg. Beschuldigen en verwijten (“jullie zullen hier niet mee wegkomen”), dat wel maar zoals iedereen weet zet dergelijk gedrag geen zoden aan de dijk.   Instant satisfaction, het meisje wil dat alles meteen verandert. Geloven de tieners vandaag nog in Tita Tovenaar? Kan je miljarden mensen veranderen overnacht? Ik denk het niet. Ik heb oor naar Greta’s boodschap maar haar methode van separatie is “gefundenes fressen”  voor het huidige identiteitsdenken. Ik lever mijn bijdrage aan de klimaatverandering: ik zet geen kinderen op deze planeet. Hoe staat het met uw ecologische voetafdruk?

Super slim rekeningrijden.

Wie zal dat betalen?

Heeft u het ook al gehoord? De dwaze-kloterij van een aantal transporteconomen die hun overheidsinkomen verbeuzeld hebben met het plagiëren van een Skandinavisch model voor superslim rekeningrijden. De VRT zit al de ganse dag op dat stinkend ei van politieke correctheid te broeden. Meteen wordt Agoria erbij gehaald als spreekbuis voor de “gehele” bedrijfswereld en supporter van dit nieuwe belastingsysteem.  Tegen de middag bracht de ambtenarenzender ook nog eens een verloren gelopen professor ten berde, een onverlaat die dergelijk systeem wil invoeren bij het openbaar vervoer! De Belgen zijn een natie van tollenaars en tax-fanaten. We betalen veel, we betalen graag en we krijgen er niet genoeg van!

Super slim rekeningrijden?

Het systeem van superslim rekeningrijden is minutieus (letterlijk) uitgewerkt. Wie op drukke momenten de auto gebruikt zal daar meer voor betalen dan diegene die zijn wagen gebruikt op minder drukke momenten. Volgens een van de onderzoekers “hoeft” dat niet tot een belastingverhoging te leiden. Let op de slimme woordkeuze van “hoeft niet”!   Iedereen die dat wil geloven is nog naïever dan het parochieblad. De rekening zal betaald worden door de werkmens. Het wordt een belasting op arbeid. Wie om den brode zijn wagen beruikt is de klos, weeral! 

Het is de vos die de passie preekt…

Het is vooral onze staatszender die deze vorm van belastingen promoot. De journalisten hebben daar goede redenen voor. Ze weten dat een belastingverhoging de gemoederen beroert. Nieuws brengen is ooit een kritische bezigheid geweest. Vandaag is het vooral emotie verkopen. Angst en verontwaardiging liggen goed in de markt en bij de nieuwsconsument gaat dat erin als zoete koek. Brood op de plank voor de media! Bovendien zal de journalist niet veel last hebben van duur rekeningrijden. Een beroepsjournalist heeft een bijzonder statuut waardoor hij zich niet moet houden aan wettelijk geregelde arbeidstijden. Als je de pijn niet voelt dan zeg je al snel: “Dat is toch zo erg niet”!

De academici die dit vikingplan met een carbonpapiertje overtrokken hebben en op veel bijval van de media kunnen rekenen zijn net zomin betrokken partij. Jammer dat deze mensen hun vermeende erudiete positie gebruiken om de politieke agenda te bepalen. Een klein bevolkingsdeel met een academische graad dicteert de wetten voor de loodgieter en de fabrieksarbeider. Ik durf er een gitaar voor te verwedden dat die academici zich in de voormiddag met de bakfiets van de binnenstad naar de campus begeven. Werkende plebejers hebben geen tijd en geen stem die gehoord wordt. Zij werken en betalen, punt en gedaan!

Alternatief?

Waarom moet vermeend asociaal gedrag zoals autorijden altijd bestraft worden met “belastingen”? Er zijn genoeg denkpistes die beter zijn voor het milieu, de mens en de portemonnee. Is de creativiteit zo ver zoek? Moeten we altijd andere landen kopiëren en dan vaststellen dat we bestuurlijk te complex en incapabel zijn om het plan correct uit te voeren? De automobilist bestraffen zal hem/haar niet (klimaat)vriendelijker maken. Integendeel!

We kunnen acties nemen om het gebruik van de wagen efficiënter te maken. Laat de veelrijders met rust. Zij rijden om den brode en niet voor het plezier. Iemand die op tijd op het werk moet zijn heeft weinig keuze qua vervoer. Een verkoper of vertegenwoordiger moet zijn quota halen of hij kan inpakken. Een wagen is vaak geen luxe maar een must om een snee droog brood te verdienen, het beleg gaat al lang naar de tollenaar. De gemiddelde wagen in ons land rijdt geen 9000 km per jaar. Kijk de statistieken van de verzekeraars maar eens na. In plaats van straffen kunnen we de professionele professionele automobilist ook belonen. Een wagen die meer dan 20000 km per jaar rijdt kan je goedkoper maken voor de eigenaar/bestuurder. Het idee zal autodelen en carpoolen aanmoedigen.   Laat de professor maar betalen voor zijn Prius, …die japanner wordt alleen maar gebruikt om wat boodschappen te doen of in het weekend naar het platteland te snorren met fietsen op de bagagedrager.  

De regelgeving kan aangepast worden. Maak werk van flexibele arbeidstijden. Onze wet op de arbeidstijd behoort tot de strengste ter wereld. De infrastructuur kan aangepast worden: een provinciestad zoals Leuven gebruikt twee snelwegen als ringweg om haar binnenstad fietsvriendelijk te maken. Op een doorsnee ochtend tijdens het schooljaar staan de forensen aan te schuiven van Aarschot tot Leuven. Vraag eens wat die sukkelaars denken van superslim rekeningrijden. Ook beter schoolvervoer kan de (mee)ouders misschien een centje besparen omdat ze hun grut niet aan de schoolpoort moeten droppen tijdens spitsverkeer. De schoolbus is veiliger en het verlost ons van die hinderlijke kiss & ride zone in de Schoolstraat. Ik kan zo nog wel even doorgaan maar zolang de tollenaar er niks aan verdient zijn er geen oren naar…

Geniet, voorlopig nog gratis, van de zomer!

School is out!

Ook dit jaar hebben uw koters het weer goed gedaan op school! De laatste dagen wemelt het facebook posts met lofbetuigingen en verheerlijking van kindjes, groot en klein. Fiere ouders bewieroken hun nageslacht en het bijhorende puntenboekje. Als ze het niet geschreven krijgen dan maar met een fotootje, liefst getooid met dat gekke hoedje en een toga. Onze toekomst is verzekerd, een hele generatie genieën komt eraan!

De lezers die mij kennen weten dat ik niet veel op heb met dat grut. Kinderen zijn als scheten, alleen die van jezelf kan je verdragen. Ik erger me niet aan dat gepoch maar ik moet ermee lachen. De laatste twee decennia leven we in een tijdsgeest van kinderverheerlijking. De opvoeding hebben we in onder-aanneming gegeven aan de school en wee het gebeente van de juffrouw of de meester als die geen rekening houdt met de gemoedstoestand of de allergieën van de kleine. Pa en ma zijn gesubsidieerde deeltijdse werknemers die een voltijdse dagtaak hebben aan het vervoer van of naar één of andere naschoolse activiteit: voetbalkamp, dansles, paardenkamp, zeilkamp, kleiclub, knutselstage… of wat nog meer. Kinderbezit is zo heilig geworden dat er zelfs gereserveerde parkeerplaatsen zijn nabij de ingang van de supermarkt.

Dat ouders fier zijn is normaal maar dat je ermee gaat leuren is dat niet. Ik geloof die berichten ook niet meer. Als ik zo’n een lof-post lees dan denk ik wel eens aan mijn vroegere lessen Nederlands. Daarin kregen we een onderwerp “spreekwoorden en gezegden”, iets wat ondertussen uit het lessenrooster is geschrapt. Eén van die gezegden is: “de appel valt niet ver van de boom”.  Ik ken die ouders en geloof me, als hun hersencellen dynamiet zouden zijn dan hadden ze nog niet genoeg kracht om hun neus te snuiten. Dat hun nakomeling de “primus inter pares” van de klas is kan ik moeilijk geloven.  Daarbij vind ik die betweterige bedorven stinkers niet zo sympathiek. Mini-mensjes in merkkleding waarvan de ouders hopen dat ze alles bereiken wat ze zelf nooit bereikt hebben. Waar zitten de dommeriken? Waar zijn de losers? Waar zijn de “gebuisden”?  Ik heb meer sympathie voor die groep van kinderen. Mijn aandacht gaat naar de sukkel die bij de stratenloop als laatste over de meet komt en daarbij ook nog eens zijn “participatie-medaille” verliest. Kinderen die leren omgaan met teleurstelling en verliezen. Kinderen die hard moeten werken om met de hakken over de sloot te komen. Dat zijn de kinderen die ik koester! Ik ben ervan overtuigd dat zij een betere toekomst zullen hebben dan de boutique-larfjes. Aan alle jongeren die het niet goed gedaan hebben op school: volhouden, later volgen er nog meer teleurstellingen. Je kan je er niet vroeg genoeg op voorbereiden!